Martelen

woensdag 26 mei 2004De foto's van martelende Amerikaanse soldaten zijn bedoeld voor een groot publiek, aldus filosofen op het internet.
Filosofen op internetsites en internationale, gedrukte media worstelen met de beelden van martelende Amerikanen in Abu Ghraib, maar op één punt is er echter overeenstemming: morele verontwaardiging is niet genoeg. 'Dat is immers al getoond door Bush en Blair', aldus het cynische commentaar van de Amerikaanse mediafilosoof Jack Bratich op info.interactivist.net. Deze verontwaardiging past volgens hem uitstekend bij de mythe van de 'just war'. Immers: de boodschap is dat deze Amerikaanse soldaten rotte appelen zijn, uitwassen die niet passen bij het ware karakter van het leger - hoewel de aanwijzingen zich opstapelen dat de soldaten handelden op bevel van hogerhand. Volgens de Duitse filosoof Klaus Theweleit in de Süddeutsche Zeitung is morele verontwaardiging zelfs schijnheilig. 'Iedereen weet tot welke verwoesting oorlog kan leiden. Het enige nieuwe aan de beelden is de circulatie via internet.' Er wordt iets getoond wat iedereen al weet, maar dan in een nieuw jasje.
Toch is dat laatste niet onbelangrijk. Want volgens Theweleit hebben martelingen een publiek nodig, een 'ensceneringskarakter' en 'genotsaandeel', wat je volgens hem hier terugziet in de expliciete verbinding van vernedering en seksualiteit. Ook Bratich wijst op de enscenering van de martelingen: 'de pyramide van opgestapelde mensen, noem het de laatste ontwikkeling in het stilleven'. Maar waarom met theatrale middelen iets nieuws ensceneren wat iedereen al weet? Volgens Bratich past dat in de esthetisering van de politiek: een publiek geheim wordt geopenbaard met theatrale middelen, politici spelen hun rol van moreel verontwaardigden en schuiven zo iedere verantwoording van zich af.

Leon Heuts

Gerelateerde artikelen




Login

Zoek