Jonathan Israel noemt monument Bayle noodzaak

vrijdag 16 september 2011

Volgens Jonathan Israel is Nederland in een crisis. Van deze Britse historicus verschijnt binnenkort het derde deel van zijn monumentale trilogie over de radicale Verlichting: Democratic Enlightenment. Een van de grondleggers van de radicale Verlichting is Pierre Bayle –sinds kort in Rotterdam geëerd met een monument. Daarom een gesprek met Israel in twee delen. In dit deel: Wie was Bayle eigenlijk, en wat is vandaag de dag nog zijn relevantie?

 

Wat is nu bijzonder aan Bayle, wat we niet bij andere verlichtingsdenkers kunnen vinden? Israel: ‘Het belangrijkste punt van Bayle is, dat hij een complete scheiding tussen de moraal en religie voorstaat. Wat goed en slecht is moet onafhankelijk van religieuze autoriteit bepaald worden –op basis van de rede. Dat is een fundamenteel verschil tussen Bayle en wat ik wel de gematigde Verlichting noem. Filosofen die een maatschappelijke hervorming bepleiten op basis van de rede, maar die het wel noodzakelijk achten dat de rede in balans is met religie en traditie, behoren tot de gematigde variant.’ 

 

Een voorbeeld uit de gematigde Verlichting is John Locke, die in zijn A Letter Concerning Toleration religieuze tolerantie voorstaat op basis van praktische overwegingen –mensen zijn niet zo makkelijk van een andere religie te overtuigen –en op basis van christelijke waarden.  Zo niet Bayle: ‘Bayle ziet in elke geloofsovertuiging iets intolerants. De meeste mensen hechten volgens hem meer waarde aan de opvattingen van hun religieuze leiders dan aan de rationele criteria van hun politiek leiders. Maar het gelijk of ongelijk van dit soort geloofsovertuigingen is niet rationeel te bewijzen. Tegelijk ziet elke religie zichzelf als ware religie, gebaseerd op openbaring en de waarheid van een God. Hierdoor loopt het individu altijd het gevaar onderdrukt te worden door de meerderheid. Zijn oplossing, de totale scheiding tussen moraal en religie, laat zien dat hij aan de rede een absolute plaats toedient. Hierdoor is hij, samen met Spinoza, een van de belangrijkste grondleggers van de radicale Verlichting.’

 

Hiermee houdt het belang van Bayle volgens Israel nog niet op: ‘Juist de radicale Verlichting is, via de encyclopedisten, de basis geweest voor de kernwaarden uit de Franse Revolutie. Onze moderne democratische rechtsstaat is op zijn beurt weer schatplichtig aan deze revolutie uit de 18e eeuw.’

 

Een monument voor Bayle

De gevestigde orde uit de tijd van Bayle stelt zijn gedachtegang niet op prijs. Vooral zijn oproep tot fundamentele tolerantie en een scheiding van kerk en staat noodzaakt hem vanuit Frankrijk naar de Verenigde Provinciën te emigreren.

           

Gevestigd in Rotterdam werkt hij aan zijn grootste en meest omvangrijke werk: een kritisch woordenboek over de gehele filosofische en politieke traditie. Dictionnaire historique et critique wordt, ondanks een importverbod, het meest populaire werk in het Frankrijk van de 18e eeuw.

 

Wij Nederlanders blijken hier niet veel van mee gekregen te hebben. Jonathan Israel noemt het ontbreken van Bayle in ons collectieve geheugen symptomatisch voor de vergetelheid waarin de Verlichtingsidealen in ons land dreigen weg te zakken. Tolerantie en godsdienstvrijheid staan onder druk, dat hoort men vaker. Belangrijk is, aldus Israel, dat we onthouden dat deze idealen een antwoord vormde op een bloederig Europa. Denk aan de reformatie en de velen religieuze oorlogen. Daarnaast laat Bayle zien dat deze verlichtingsidealen, in ieder geval in het radicale spoor van de Verlichting, ontstaan zijn met het idee de macht van theologen en grote volksgroeperingen in te dammen.

 

Hierin ziet Israel ook de relevantie van Bayle voor vandaag de dag. Wij allen hebben de plicht om de Verlichtingsidealen waar onze vrijheid op gebaseerd is te verdedigen tegenover de niet tolerante medemens. En daar schort het nog wel eens aan, aldus Israel.

 

Kunstenaar Paul Cox ontwierp het Bayle monument, waarmee Rotterdam zijn steen wil bijdragen aan het verdedigen van de Verlichtingsidealen. Cox baseerde zich op de teksten van Bayle, omdat we hem daar grotendeels van kennen. Maar Israel legt uit dat er tot voor kort twee verschillende kampen bestonden in de interpretatie van Bayle –en dat ook nu Bayle nog niet helemaal doorgrond is.

 

Vertaling Bayle is grootste academische publicatie van dit moment

Voor de juiste interpretatie en doorgronding van Bayle is een vertalingproject van de Voltaire Foundation van belang. Daar werkt een team academici onder leiding van de hoogleraar Franse letterkunde Antony McKenn aan een kritische uitgave van alle correspondentie van Bayle. Israel schat dat het werk totaal 20 delen groot zal zijn, waarvan het team sinds 1999 de helft heeft kunnen uitgeven.

 

‘Behalve dat dit een van de grootste academische publicaties is van dit moment, draagt dit project ook bij aan een beter begrip van Bayle zijn werk. De correspondentie die Bayle voert met geleerden door heel Europa geeft beter inzicht in de sociale context waarin hij werkt. Deze is tijdens Bayles leven grimmig voor een vrijdenker als hij. Hierdoor moet hij gedwongen omslachtig en verhullend schrijven, iets waar Bayle een meester in is. Hij kan de lezer eindeloos in rondjes laten dwalen.’

 

Academische interpretatie

De twee verschillende kampen bij het interpreteren van Bayle ontstonden door de noodzakelijke omslachtigheid die hij bij het schrijven hanteerde. ‘In de Italiaanse interpretatie werd Bayle gezien als een atheïst en materialist (het idee dat de werkelijkheid bestaat uit alleen materie). In deze school is Bayle duidelijk een ondermijning van de religie. Tot voor kort was echter de gangbare opvatting dat Bayle een scepticus is. Dit zou betekenen dat volgens Bayle de rede niet absoluut is: er kan aan elk argument altijd nog getwijfeld worden. Op die manier zou Bayle ruimte openlaten voor religie’.

 

‘Sinds 10, 15 jaar blijkt dat de Italianen al die tijd al gelijk hadden. Slechts een enkeling in de academische wereld ziet Bayle nog als scepticus. Bayle twijfelde aan een hele hoop: de staatsinrichting, de kerk, de intelligentie van zijn medemens. Maar niet aan de rede.’

 

Gevraagd naar de oorzaken van deze verschuiving in interpretatie noemt Israel het genoemde immense project en het werk van de filosoof G. Mori, die laat zien dat Bayle een crypto-atheïst en een crypto-spinozist is. Bij zorgvuldige lezing blijkt de Italiaanse interpretatie dus toch te kloppen.

 

Israel dicht –bescheiden –zichzelf ook een rol toe: ‘De laatste tijd is er ook meer aandacht voor de latere werken van Bayle, zoals Continuation des Pensées diverses écrites à un Docteur de Sorbonne (Voortzetting van verscheidene gedachten, geschreven door een dokter aan de Sorbonne) en Réponse aux questions d'un provincial (Antwoord op vragen van een provinciaal). Ik denk dat ik aan deze nieuwe interesse heb bijgedragen, doordat ik deze werken altijd heel belangrijk heb gevonden. Door bijvoorbeeld Antwoord op vragen van een provinciaal zijn we veel beter zijn relatie tot andere denkers gaan begrijpen. Wat uiteindelijk weer heeft bijgedragen aan de interpretatie van Bayle als atheïst.’

 

Nederland vrijheidslievend?

Door de interpretatie van Bayle als radicale Verlichter kunnen we ook beter begrijpen hoe het gedachtegoed van Bayle ons vandaag de dag heeft gevormd. Israel trekt een lijn van Bayle, langs de encyclopedisten uit de 18e eeuw en de Franse Revolutie, naar de moderne democratie. Maar de vooruitgang is nog lang niet afgelopen: ‘De Encyslopédie (het omvangrijke werk geschreven door de encyclopedisten) is in feite een doorzetting van het ideaal van Bayle: een rationeel ontwerp voor een samenleving. Je ziet dan ook dat er toen nog veel moest gebeuren voordat de moderne democratie tot stond kon komen. En deel van die veranderingen is natuurlijk in de Franse Revolutie doorgevoerd.’

 

‘Filosofen als Diderot en d’Holbach zijn in die tijd buitengewoon kritisch op alle menselijke normen en waarden, bestaande maatschappelijke patronen en systemen. Dit vullen zij nog aan met adviezen hoe dan wel de wereld in te richten. Dit kon ook in een tijd dat de persvrijheid in Frankrijk absoluut was, een situatie die zijn weerga in de geschiedenis niet kent. Diderot publiceerde ook een kritisch werk over de vrijheidslievende republiek Nederland. Volgens hem is Nederland, die toen ten opzichte van Engeland economisch achteruit ging, het eerste land in de geschiedenis waarin iedereen een redelijk bestaan kan hebben. Maar hij vroeg zich ook af hoe onze tolerantie en verlichting te rijmen is met ons kolonialisme en het schrikbewind van de VOC.’

 

Volgens Israel is deze paradox te begrijpen wanneer we kijken naar het lage begrip dat de gemiddelde Nederlander in die tijd had van filosofie en geesteswetenschappen. ‘Mensen hebben hierdoor niet het juiste perspectief om te waarderen wat ze hebben, om te begrijpen hoe het zit.’

 

Gevraagd naar de huidige situatie komen we er niet veel beter van af: ‘In Nederland zijn veel mensen bezorgd om recente ontwikkelingen. In mijn ogen terecht. De beste waarden van de Nederlandse waarden eroderen. Je ziet een toename van chauvinisme, nationalisme en religieuze intolerantie. Daarnaast maken mensen zich bezorgd om culturele veranderingen. Denk bijvoorbeeld aan de vraag of we de opkomst van veel moslimscholen in Europa moeten accepteren, wat een terechte vraag is.’

 

Kunnen we in deze culturele en morele crisis dan iets van Bayle leren? ‘Het is opvallend dat zowel Spinoza als Bayle het volk gevaarlijk vinden, omdat het vatbaar is voor religie. Spinoza vind echter een machthebbende elite nog gevaarlijker, waardoor hij opteert voor een democratische republiek. Voor Bayle is een seculiere monarchie de enige oplossing, omdat hij denkt dat het volk niet te verlichten is.’

 

Israel trekt hier een opvallende les uit: ‘De strijd van de Verlichting tegen het totalitaire karakter van de religie is nog niet afgelopen. Denk bijvoorbeeld aan seksuele emancipatie en de strijd voor acceptatie van homoseksualiteit in gebieden als Rusland, Griekenland of Afrika. Voor die mensen is de strijd nog heel reëel. Dit laat zien dat Bayle een punt heeft: ondanks positieve voorbeelden zijn alle kerken in wezen intolerant en totalitair. Dat is ook waarom de vraag naar de wenselijkheid van moslimscholen hier in Nederland belangrijk is. Niet omdat de islam nu zo slecht is in vergelijking met andere religies. Maar omdat het een religie is.’

 

Jeroen Hekking

 


Gerelateerde artikelen




Login

Zoek