Luuk van Middelaar: 'Machiavelli is mijn grote voorbeeld'
maandag 12 april 2010Politiek filosoof Luuk van Middelaar (1973) heeft de Socrates Wisselbeker gewonnen, de prijs voor het meest prikkelende Nederlandse filosofische boek. De winnaar van vorig jaar, Hans Achterhuis, heeft zijn opvolger al vergeleken met Machiavelli en Tocqueville.
Beiden zijn mede zulke grote politiek filosofen geworden door hun teleurstellende ervaringen met de praktische politiek. Gaat datzelfde voor Van Middelaar zelf op? Hij was adviseur van Frits Bolkestein en werkt nu voor Herman Van Rompuy.
Van Middelaar: ‘Machiavelli en Tocqueville zijn inderdaad mijn grote voorbeelden. Het sleutelwoord bij hen is niet teleurstelling, maar ervaring. Beiden kenden de politieke werkelijkheid van binnenuit. Ook zelf probeer ik de politiek op de huid te zitten. Niet van buiten voorschrijven wat een goede, rechtvaardige samenleving is (dat wordt snel ethiek), maar iets invoelbaar maken van politieke krachten en drijfveren.’
‘Trouwens, Machiavelli was zo’n politieke junk dat hij in de dagelijkse maalstroom van de Florentijnse republiek zou zijn blijven hangen als de Medici’s de macht niet hadden overgenomen. Zonder die “teleurstelling” had hij simpelweg nooit de tijd gevonden om filosoof te worden!’
Uit het juryrapport van De passage naar Europa
'We pronken soms zo graag met ons ‘Europees zijn’. Maar: Europese Raad? Europese Commissie? Europees parlement? Brussel? Het politieke Europa behandelen we met de grootste onverschilligheid. Tegen die onverschilligheid voert Luuk van Middelaar een schitterend gevecht. En hij wint het met bravoure. In zijn Passage naar Europa legt hij de mechanismen van de macht bloot. Hij volgt het advies van de filosoof Richard Rorty: ‘Boeiende filosofie is zelden een onderzoek naar de ‘voors’ en ‘tegens’ van een stelling. Gewoonlijk is het een strijd tussen een gevestigd vocabulaire dat ons tot last is geworden en een halfgevormd vocabulaire dat vermoedelijk grote beloften in zich draagt.’ Van Middelaar slaagt helemaal in zijn streven het vervangende vocabulaire dat hij voorstaat aantrekkelijk te maken. Zijn boek over de geboorte van het politieke Europa is een nauwgezette en erudiete geschiedschrijving, een politiek essay, een filosofische bespiegeling én een verhaal van banale ruzies en soms komische zoektochten. Hoe lang is er niet gebakkeleid over de afbeelding die op onze Euro-biljetten moest komen? Het werden niet-bestaande gebouwen. Van Middelaar schreef geen droog, institutioneel betoog. Hij schreef een spannende, bijna een nieuw soort filosofische roman, met een pas geboren ‘politiek instituut Europa’ als hoofdpersoon. En hoe dat werd en wordt gevormd door de menselijkheid en het o zo behoeftige identiteitsbesef van al die machthebbers en burgers die samen het instituut vormen. Van Middelaar laat ons niet alleen beter nadenken over Europa, over politieke macht maar ook over ons burgerschap én onszelf.'
De jury van de Socrateswisselbeker bestaat uit Frans Jacobs (Universiteit van Amsterdam), Leonie Breebaart (Trouw), Anna Luyten (De Morgen), Florentijn van Rootselaar (Filosofie Magazine).